Een FSharp.Data-proxy instellen met customizeHttpRequest
Stel de proxy van de onderliggende HttpWebRequest in via de gedocumenteerde customizeHttpRequest-parameter van FSharp.Data.
De HTTP-hulpprogramma's van FSharp.Data bieden een customizeHttpRequest-parameter. Deze ontvangt de onderliggende HttpWebRequest en retourneert het verzoek dat moet worden gebruikt:
open System.Net
open FSharp.Data
let body =
Http.RequestString(
"https://example.net/data",
customizeHttpRequest = fun request ->
request.Proxy <- WebProxy("http://proxy.example.net:8080")
request
)
De callback stelt de proxy in op dit verzoek. Voor dit openbare HTTPS-verzoek kan een niet-geverifieerde kandidaat uit de HTTP-proxylijst het voorbeeld-eindpunt vervangen wanneer die route is toegestaan. De laatste expressie retourneert het verzoekobject, overeenkomstig het gedocumenteerde functietype HttpWebRequest -> HttpWebRequest.
Dezelfde aanpassingsparameter is beschikbaar op de bijbehorende gedetailleerde en asynchrone HTTP-methoden. Houd de callback bij de aanroep of de herbruikbare helper die deze route nodig heeft. De rest van de toepassing kan de eigen verzoekconfiguratie blijven gebruiken.