Laat het gedeelde proxyprofiel staan en maak een apart profiel voor direct werk. Binnen een applicatie waarin inets draait:

{ok, ProfilePid} =
    inets:start(httpc, [{profile, direct_work}]).

Een nieuw aangemaakt profiel heeft geen proxy tenzij de applicatie er een instelt. Selecteer het expliciet bij het verzoek:

httpc:request(
    get,
    {"http://example.com/", []},
    [],
    [],
    direct_work
).

Als direct_work bij een latere aanroep wordt weggelaten, wordt weer het standaardprofiel gekozen. Bekijk de routeringsopties van dit profiel met httpc:get_options([proxy, https_proxy], direct_work).

Het profiel bezit ook cookies en verbindingsafhandeling. Houd die status bij het component en stop het profiel met inets:stop(httpc, ProfilePid) wanneer het werk eindigt. Het is niet nodig de interne status van httpc_manager te herschrijven of een gedeelde beheerder te beëindigen om deze directe route te krijgen.

Gerelateerde artikelen