De Tunnel-pagina van WinSCP kiest de SSH-jumphost
Configureer de uiteindelijke SFTP-server in het hoofdaanmeldvenster en de bereikbare SSH-tussenhost op de Tunnel-pagina van WinSCP.
Wanneer de bereikbare tussenhost een SSH-jumphost is, kan WinSCP de tunnel opbouwen voor een SFTP- of SCP-sessie.
- Kies in het hoofdvenster Login SFTP of SCP en voer de hostnaam, poort en het account van de uiteindelijke server in.
- Open Advanced Site Settings → Connection → Tunnel.
- Schakel "Connect through SSH tunnel" in en voer de bereikbare tussenhost in bij "Host to setup tunnel on", samen met het SSH-account en de verificatieinstellingen van die host.
WinSCP verbindt eerst met de tussenhost en vraagt die de doorgestuurde verbinding naar de uiteindelijke server te openen. Gebruik een bestemmingsadres dat vanaf die tussenhost bereikbaar is; als u de jumphost opnieuw als uiteindelijke server invoert, wordt een ander doel gekozen.
De twee accounts en hostidentiteiten kunnen verschillen. Behoud de verificatie van de bedoelde SSH-hosts en gebruik de juiste sleutel voor elke aanmelding.
De ingebouwde tunnel erft enkele proxy- en SSH-instellingen van de hoofdsessie. WinSCP verwijst complexere opstellingen, waaronder meerdere sprongen of niet-standaard SSH-vereisten, naar een extern tunnelhulpmiddel. De ingebouwde tunnelinterface is beschikbaar voor SFTP en SCP, niet native voor FTP, WebDAV of S3.